Verenigde Staten en Israël stappen uit Unesco

2017

Unesco betreurt de beslissing en noemt het een verlies voor het multilateralisme.

Algemeen

De Verenigde Staten trekken zich terug uit Unesco. Dat heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken bekendgemaakt op 12 oktober 2017. Volgens een mededeling is de beslissing genomen omwille van de Amerikaanse bezorgdheid over de oplopende betalingsachterstallen, de nood aan fundamentele hervormingen binnen de Organisatie en de anti-Israëlische houding van de Organisatie.

De Verenigde Staten stopten in 2011 reeds met het betalen van hun lidmaatschapsbijdrage aan Unesco. De aanleiding was het toetreden van Palestina tot Unesco. Volgens de Amerikaanse wetgeving mag het land geen organisaties financieren die Palestina erkennen.

De terugtrekking van de Verenigde Staten treedt in werking op 31 december 2018. De Verenigde Staten zouden wel als waarnemer betrokken willen blijven bij Unesco om hun standpunten en expertise te blijven delen. Het is trouwens niet de eerste keer dat de Verenigde Staten Unesco de rug toekeren. Het land trok zich in 1984 terug uit de Organisatie en sloot zich in 2003 opnieuw aan.

Irina Bokova, directeur-generaal van Unesco, betreurt de beslissing van de Verenigde Staten. Ze noemt het niet alleen een verlies voor Unesco maar ook voor de Verenigde Naties en het multilateralisme.

Enkele uren na de aankondiging van de Verenigde Staten, liet Premier Netanyahu van Israël weten dat ook zijn land uit Unesco zal vertrekken.

Ook Israël betaalde sinds 2011 geen contributies meer aan Unesco als reactie op het toetreden van Palestina tot Unesco als volwaardige lidstaat. Het land was ook ontevreden met de beslissing van deze zomer om de stad Hebron, op de bezette Westelijke Jordaanoever, te erkennen als Palestijns cultureel werelderfgoed.